(0)

Selecteer Regio

Geen 4 weken betaalde vakantie? Toch wel!

Wanneer je in een bedrijf begint te werken heb je normaal geen recht op betaalde vakantie voor het lopende jaar. Je hebt (in de vijfdagenweek) enkel recht op 20 dagen betaalde vakantie als je het volledige jaar daarvoor gewerkt hebt. Maar...


In bepaalde gevallen kan je toch 4 weken betaalde vakantie krijgen tijdens je eerste werkjaar of wanneer je het werk hervat na een onderbreking. Dit kan via drie regelingen:

de jeugdvakantie voor jongeren van -25,
de seniorvakantie voor de 50-plussers,
en de Europese vakantie in alle andere gevallen waarbij je begint te werken.

Je hebt een eerste baan maar nog geen jaar anciënniteit. Je zit m.a.w. in je eerste werkjaar. Ben je daarbovenop jonger dan 25, dan kan je vier weken vakantie nemen of de vakantiedagen die je toch al verworven hebt op basis van het onvolledig gewerkte jaar aanvullen met een uitkering van de RVA. Die regeling noemt men de ‘jeugdvakantie’.

Je moet wel eerst je wettelijke vakantiedagen opnemen, dat zijn de dagen die je als werknemer het voorgaande jaar opgebouwd hebt. Je werkgever moet je de afrekening bezorgen.

Als je bijvoorbeeld in oktober 2013 aangeworven werd, dan heb je voor dat kwartaal dat je in 2013 gewerkt hebt, recht op 6 wettelijke vakantiedagen.
Maar je kan nog 14 dagen erbij nemen om aan het maximum van 20 dagen te geraken.

Die jeugdvakantiedagen zijn ten laste van de RVA en worden betaald in de vorm van een werkloosheidsuitkering. Die wordt berekend op basis van 65% van je brutoloon. Dit wordt wel begrensd tot 2.121,75 euro, dus je ontvangt maximum 53 euro bruto per dag.

Wat zijn de voorwaarden?

Er zijn wel enkele voorwaarden:

  • Je mag op 31 december van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin je vakantie neemt, niet ouder dan 25 zijn;
  • Je moet tijdens het voorgaand jaar je studies beëindigd of stopgezet hebben;
  • Je moet in het betrokken jaar, het jaar waarin je afstudeerde, minstens één maand gewerkt hebben;
  • Je mag voor de dagen jeugdvakantie geen andere beroeps- of vervangingsinkomens ontvangen.

Werk je deeltijds, dan heb je eveneens recht op jeugdvakantie, maar dan wel in verhouding tot je prestaties. Wanneer je halftijds werkt, zal je dus voor een jaar maar op 10 volledige of 20 halve dagen recht hebben.

Wat moet ik doen?

Om jeugdvakantie te nemen moet je een speciaal formulier (C103 -jeugdvakantie) zelf invullen, het ook door je werkgever laten invullen en het aan je werkloosheidskas, dus het ABVV, bezorgen. Je kan dit formulier downloaden op de site van de RVA, afhalen of opvragen bij het ABVV-kantoor in je buurt (zie www.abvv.be/gewestelijken).

Voor info, advies en hulp bij je aanvraag kan je ook terecht bij de ABVV-jongeren / Mag ik?: www.magik.be of info@magik.be

50-plusser na een onderbreking? Seniorvakantie

Dezelfde regeling – met dezelfde uitkeringen – bestaat ook voor 50-plussers die opnieuw het werk hervatten nadat ze een periode niet gewerkt hebben, en waardoor ze dus geen vakantierechten in het jaar voor de hervatting konden opbouwen. 

Wat moet ik doen?

Net als bij jeugdvakantie moet je bij seniorvakantie ook een speciaal formulier(C103- seniorvakantie) zelf invullen, laten aanvullen door je werkgever en het aan je werkloosheidskas, dus het ABVV, bezorgen. Je kan dit formulier downloaden op de site van de RVA, of je haalt het af of vraagt het op bij het ABVV-kantoor in je buurt (zie www.abvv.be/gewestelijken).

Plan B: Europese vakantie

Met deze regeling heb je, wat er ook gebeurt, recht op 4 weken vakantie per jaar:

  • zelfs al zit je in je eerste werkjaar, maar op voorwaarde dat je minstens drie maanden gewerkt hebt (aanloopperiode), of
  • zelfs al heb je door je werk het jaar ervoor een vakantierecht opgebouwd van minder dan 20 dagen.
  • Dit recht op Europese vakantie is evenredig met je prestaties. Dat betekent dus dat je na drie maanden recht hebt op een week Europese vakantie, na zes maanden werken heb je recht hebt op twee weken, enzovoort.

Het verschil tussen de Europese vakantie en onze Belgische regeling is dat er in het Europese systeem al rekening gehouden wordt met het lopende werkjaar.

Bovendien kan het Europese systeem onze regeling aanvullen. Als je bijvoorbeeld met onze vakantieregeling recht hebt op twee weken vakantie door je prestaties van het vorig jaar, dan kan je die 2 weken aanvullen met de Europese vakantie.


Let op!

Europese vakantie is een recht van de werknemer maar je werkgever is niet verplicht om het ja aan te bieden. Je moet als werknemer dus expliciet je recht doen gelden. Dit doe je gewoon door Europese vakantie aan te vragen bij je werkgever. Daar kan je werkgever zich niet tegen verzetten.

Dus: je werkgever is niet verplicht om je automatisch Europese vakantie toe te kennen, je moet er zelf om vragen.

Dit is een groot verschil met de wettelijke vakantie! De wettelijke vakantie is een recht voor de werknemers en een verplichting voor de werkgever.

Voor wie? Wanneer interessant?

De Europese vakantie geldt in de volgende situaties en is interessant voor:

  • startende werknemers die voor het eerst aan de slag zijn of werknemers die beginnen werken als loontrekkende;
     
  • werknemers die nu in ons land als loontrekkende werken nadat ze een periode in het buitenland hebben gewerkt;
     
  • wie zelfstandig was maar nu werknemer/loontrekkende is;
     
  • wie in de openbare sector werkte maar nu in de privésector aan de slag is;
     
  • wie is beginnen werken na een periode van volledige werkloosheid;
     
  • werknemers die het werk hervatten na een lange ziekteperiode;
     
  • wie het werk als loontrekkende hervat na een volledige loopbaanonderbreking;
     
  • deeltijdse werknemers die opnieuw voltijds aan de slag gaan maar geen vier weken vakantie hebben omdat ze het jaar ervoor deeltijds gewerkt hebben;

Voorbeeld
Sandra werkte halftijds in 2013 maar werkt sinds 1 januari 2014 voltijds bij dezelfde werkgever. Volgens de gewone ‘Belgische’ vakantieregeling heeft ze in 2014 maar recht op 10 dagen vakantie. Met de Europese regeling kan ze deze 10 dagen aanvullen met nog eens 10 dagen om zo dit jaar toch tot een totaal van 4 weken vakantie te komen.

  • deeltijdse werknemers die hun werkregime verhogen met minstens 20% van een voltijdse baan t.o.v. hun gemiddeld werkregime van het vorig jaar;

Voorbeeld
Alain werkte halftijds in 2013, hij presteerde dus 50% van een voltijdse job. Maar dit jaar werkt Alain in een 4/5de regeling en presteert hij dus 80% van een voltijdse job. Er is dus sprake van een verhoging met 30%. Alain kan dus zijn 10 dagen (in het Belgisch systeem) aanvullen met 6 dagen Europese vakantie zodat hij in 2014 aan 16 dagen vakantie komt, wat overeenkomt met 4 weken vakantie voor een 4/5de.

  • werknemers die deeltijds ouderschap of deeltijds tijdskrediet hadden en nu opnieuw voltijds aan de slag gaan, of hun uurrosster met minstens 20% verhoogden

Loon?

Tijdens je Europese vakantiedagen heb je recht op een bedrag dat gelijk is aan je volledig loon. Bij bedienden worden de Europese vakantiedagen betaald door de werkgever, bij arbeiders door de vakantiekassen.

 Let op!

Het gaat hier slechts om een voorschot dat het jaar daarna met het dubbel vakantiegeld verrekend wordt. Wat je het ene jaar ontvangt, krijg je niet meer het jaar erop.

Daarom is het beter als je jonger dan 25 of ouder dan 50 bent, het systeem van de jeugd- of de seniorvakantie te gebruiken die door de RVA betaald worden, aangezien je een keuze moet maken tussen de ene of de andere regeling.

 

Wat moet ik doen?

Roep je als werknemer je recht op de Europese vakantie in, dan moet je werkgever op jouw vraag het nodige doen.
 

  • Bedienden: richt je vraag rechtstreeks aan je werkgever, net zoals voor de wettelijke vakantie.
     
  • Arbeiders: jij en je werkgever moeten elk een deel van het formulier ‘Aanvullende vakantie’ van de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV) invullen dat dan naar je vakantiekas wordt gestuurd. Op de website van de RJV (www.rjv.be) kan je het aanvraagformulier 'Aanvullende vakantie' downloaden.

Terug Top